Ouwe Rot: Anton Paulus van Huize Molenaar

Hij is 73 jaar oud en niet weg te slaan uit de horeca. Sinds 1982 werkt Anton Paulus bij Huize Molenaar. Wij hadden de eer om te mogen praten met deze oude rot in het vak.

tekst en beeld: Sophie van der Kroon

“Toen ik 60 werd, ben ik met de VUT gegaan. Na twee weken thuis zitten had ik het al gezien. Ik belde mijn werkgever bij Huize Molenaar en zei: ‘Rooster mij maar weer in’. Mijn baan als bedrijfsleider was ik kwijt, maar dat was niet erg. Daarna werd ik 65 en toen dacht ik ‘nu ga ik echt stoppen’. Daar is nog steeds niks van terechtgekomen.”

Nostalgie

Ik krijg een kop koffie voorgeschoteld en zie dat de boeken, foto’s en kaarten al uit de kast gehaald zijn. Stuk voor stuk met betrekking tot zijn carrière. Bovenop een groot fotoalbum, gevuld met ervaringen bij Huize Molenaar.

Collega’s op de werkvloer, trouwerijen, naborrels en teamuitjes passeren de revue. Zelfs een persoonlijke uitnodiging van de koningin voor een concert in Het Concertgebouw ter ere van haar 60e verjaardag wordt naar boven gehaald. Deze heeft hij samen met de toenmalige bazin ontvangen toen ze als zaak het Hofleverancierschap hebben verkregen.

Het liefst aan het werk

Anton vertelt mij dat hij, ondanks zijn leeftijd, nog steeds volle diensten van acht uur op een dag, drie á vier dagen per week draait. En als zijn huidige werkgever dicht is wegens vakantie gaat hij via Randstad gerust bij een ander restaurant aan de slag.

“Ik werd vanochtend om negen uur mijn bed uit gebeld. Ze zaten met een zieke, of ik zes uurtjes in de bediening kan werken bij paleis Soestdijk. Geweldig, dan ben ik weer in mijn element!”

Anton is niet het type dat stil zit. Hij laat mij zijn agenda zien, die nog voller is dan de mijne. “Het houdt me jong. Je kan ook in de stoel zitten, is ook leuk. Maar daar ben ik geen type voor, nog niet althans. Ik ben liever onder de mensen, laat mij maar wat doen. Dan voel ik me het prettigst.”

Een leven vóór de horeca

Hoewel je zou verwachten dat Anton, die de kneepjes van het vak maar al te goed kent, al zijn leven lang in de horeca werkt is niets minder waar. Hij begon weliswaar op zijn zestiende als afwasser bij Van der Valk, waar hij binnen de kortste keren in de bediening terecht kwam. Toch heeft hij ook een flink cv buiten de horeca om opgebouwd. Zo is hij onder andere in militaire dienst geweest en heeft hij bij de gemeente Utrecht en bij Douwe Egberts gewerkt. 45 jaar oud was hij toen hij vond dat het genoeg was.

Hij volgde zijn hart en keerde terug naar de horeca. Het bleek zijn grote passie te zijn en ondanks zijn pensioen van tien jaar geleden is hij tot op de dag van vandaag nog steeds werkzaam bij Huize Molenaar. “Voor mij is de horeca een virus. Ik heb de switch gemaakt toen ik 45 jaar was en ik heb er nog geen dag spijt van gehad. Niet alleen het werk maar ook de omgang met mensen, het sociale gebeuren vind ik zo leuk. Zorgen dat de gasten net zo blij binnen komen als dat ze weer weggaan. Dat is het uitgangspunt.”

Wat deze ouwe rot geleerd heeft door zijn jarenlange ervaring in het vak? “Het is makkelijk om het gesprek aan te gaan, om open te zijn naar je gasten en ze het idee te geven dat ze welkom zijn. Hoe hoger de doelgroep die bij Huize Molenaar komt, hoe afstandelijker ze worden. Je moet meer op je qui-vive zijn, even wat beter opletten. Dat moet je in de vingers hebben. Ik zie in twee minuten wat voor een gezelschap ik binnen heb. Dat je ze kunt benaderen in positieve zin is een uitdaging die ik graag pak. Ik mag zeggen dat ik daar redelijk goed in ben geworden de afgelopen jaren.”

Redactie FM
social@frissemosterd.nl