Café-Restaurant de Vriendschap

Horeca is van alle tijden. Ook in Utrecht. Daarom blikt stadshistoricus Kees Visser in Café Nostalgia terug op de horeca van vroeger. Wat waren de hotspots van weleer die we nu al lang niet meer kennen? In de vierde aflevering gaan we terug naar De Vriendschap aan ‘t Wed.

tekst: Kees Visser

Café-Restaurant De Vriendschap aan het Wed nummer 1 bestaat al weer een aantal jaren niet meer. Het was lang dé ontmoetingsplek voor artistiek en studerend Utrecht. Café en restaurant werden apart van elkaar bestierd door de gebroeders Mayr,. Maar, naar het verhaal gaat, niet in grote harmonie. Ze spraken elkaar zelden en waren, als dat wel gebeurde, het meestal niet met elkaar eens.

Vaste bezoeker was Gert Jongetjes, die ons meer over toen kan vertellen: ‘Je kon niet spreken van een café-restaurant. Daarvoor was de scheiding te groot. In het donkere koude halletje ging je de trap op naar boven waar het restaurant was. Daar zwaaide “ome Hans” de scepter en speelde hij de wisselvallige restaurantuitbater. In het halletje rechtsaf enkele treden op, kwam je in het café. Het was een café zonder bar, met een grote kachel als verwarming en een biljart in het midden.’

Studentensoos
‘Leden van het studentencorps kwamen er jarenlang, maar die werden in de jaren ‘70 afgelost door nieuw publiek dat niet zo goed reageerde op die studentikoze aanwezigheid. Een enkele student werkte nog wel achter de uitgiftebalie voor de drankjes en de broodjes om hun opgelopen café-rekeningen af te betalen.De café-uitbater was trouwens gek op paardenraces en ging regelmatig tot aan Parijs voor zijn hobby. Beroemd was ook zijn vrouw Johanna, die luidruchtig bijdroeg aan de vrolijke sfeer die er heerste. Aan de stamtafel diende zij je gaarne van repliek als je een te grote mond had.’

Utrechts stamcafe
‘De Vriendschap was echt een stamcafé waar je altijd veel bekenden tegenkwam en waar in het weekend bekende Utrechters een broodje kwamen eten op het terras. Het interieur bleef jarenlang hetzelfde. Een schilderskwast was verboden en het bruine café was letterlijk bruin van de rookaanslag. Heerlijk biljarten of klaverjassen kon je er, en aan de stamtafel moest je eeuwig ouwehoeren over de stad en de nieuwtjes!’, zegt Gert lachend.

‘Het restaurant had een bescheiden menukaart, waarop de biefstuk met gebakken aardappelen favoriet was. De uitbater was een groot liefhebber van de door hem zelf verstrekte drank, waardoor het afrekenen nogal eens avontuurlijk verliep: “geef maar 25 gulden!”. Zonder dat het duidelijk was wat er nu precies verrekend werd. Bezoekers die zich niet helemaal naar zijn zin gedroegen konden weer rechtsomkeert maken, ze werden niet bediend. Kortom, een eigenzinnige uitbater van vriendschap!’

In elk geval was De Vriendschap een café en een restaurant met een bijzondere reputatie waar door velen toch met plezier aan wordt teruggedacht. Inmiddels is in hetzelfde pand restaurant De Drie Vrienden gekomen, waar de ontvangst doorgaans vriendschappelijker is.

Redactie FM
social@frissemosterd.nl