Bakkie troost header

Bakkie troost

Het is een doordeweekse ochtend en nog vroeg, een uurtje of half 9. Ik heb net de winkel opengegooid en sta nu de toonbank in te richten met broodjes, koekjes en croissants. Buiten is het donker en de wind jaagt om het oude pand heen. Wellicht de reden dat er maar weinig mensen op straat zijn.

De deur gaat open en een wat oudere meneer komt binnen, samen met zijn hondje. Hij is verrassend zomers gekleed voor dit weer en heeft de kraag van zijn dunne jasje dan ook strak rond zijn hals getrokken. De wind heeft zijn witte haren vermaakt tot die van een jong baby eendje dat voor het eerst gaan zwemmen is. De haren van zijn hondje vertonen een opvallende gelijkenis, maar dat lijkt meer te komen door een gebrek aan verzorging. Samen gaan ze op een van de bankjes zitten, de laatstgenoemde met zijn neus zo hoog mogelijk de lucht in om zoveel mogelijk saucijzenbroodjes-geur te vangen.

We're open
– Een espresso alstublieft.

Terwijl de bonenmaler op volle toeren maalt en ik de filterdrager in de espressomachine draai, kijk ik nog eens goed naar mijn enkele gast. Een van mijn slechtere eigenschappen is dat ik vaak een misplaatst soort medelijden voel voor bejaarde mensen. Waar het vandaan komt? Geen idee, maar hetzelfde gevoel bekruipt me terwijl ik naar meneer kijk. Misschien komt het door zijn warrige haar of de druppel aan zijn neus. Ik kan er mijn vinger niet op leggen. De espresso gebracht stort ik me weer op het verder opstarten van de toonbank. Plotseling prikt er, dwars door de zwoele geur van vers brood, een andere, scherpe lucht in mijn neus.

– Serveert u misschien ook koffie met iets erin?

Ik kijk op, net op tijd om te zien dat meneer iets terug stopt in zijn smoezelige linnen tasje om vervolgens gretig een slok van zijn inmiddels volle kopje espresso te nemen. Enigszins voorzichtig vertel ik hem dat wij geen alcoholvergunning hebben en dat ik hem dus niets in die richting kan bieden. Zijn gezicht wordt nog roder en hij kijkt verbouwereerd naar zijn halflege kopje. Ik kan zien hoe schaamte hem overspoelt.

– Oh. Wel. Heeft u dan misschien een nieuw kopje espresso voor mij?

Terwijl ik het overgebleven beetje van de eerste espresso door de gootsteen kieper, kijk ik hoe meneer zijn hondje nog iets dichter tegen zich aanschuift. Het beestje nestelt zich tegen hem aan, hoofd op zijn been. In mijn hoofd volgen de vragen elkaar in rap tempo op. Zou deze man werkelijk zo eenzaam zijn als ik nu denk dat hij is? Of is hij juist aan zijn zeurende partner ontsnapt en probeert hij zich nu moed in te drinken om hem of haar straks weer onder ogen te komen? Geen van beide scenario’s zorgt ervoor dat ik me beter voel.

– Mag ik afrekenen alstublieft?

Ik presenteer de rekening van een kopje espresso, terwijl hij in zijn tasje graait naar een even verfomfaaid portemonneetje. Met trillende vingers peutert hij een gescheurd briefje van 5 tevoorschijn. Terwijl ik het geld aanneem kijkt hij me voor het eerst echt aan.

– Houd u de rest maar mevrouw. En dank voor uw begrip.

Een koude vlaag komt de warme zaak binnen terwijl hij de deur opent en zich, met zowel zijn hondje als zijn ziel onder zijn arm, tegen de wind in naar buiten werkt. Ongetwijfeld op zoek naar een plek die hem wel het heil kan bieden dat hij zoekt.

cafelamp

Na alle kanten van de horeca gezien te hebben werkt Noreen Kaland nu als docente Engels. Toch gaat ze na dit schooljaar terug naar die eerste liefde. Voor Frisse Mosterd schrijft ze over de twee dingen binnen het mooie horecavak die zij het leukst vindt: de gasten en wijn.

Redactie FM
social@frissemosterd.nl